zaterdag, juli 05, 2008

The Raconteurs - deel 1 (door Alexander)


Een tsunami van popconcerten overspoelde ons land de afgelopen week. Dinsdag, om precies te zijn. (Duffy was woensdag – fenomenaal concert.) Als die dinsdagse concerten een stem hadden, dan was Radiohead de zeurderige van het stel geweest. IJl, zangerig fleemde het dat ik dinsdag naar het Westerpark in Amsterdam moest komen. Vampire Weekend was de eigenzinnige Amerikaanse student, met wollen trui en een rijke pa, met een zelfverzekerde, laconieke stem, die me nadrukkelijk aanraadde om dinsdag naar Tivoli in Utrecht te komen, maar toch ook onverschillig probeerde te klinken.

The Raconteurs hadden twee stemmen, de ene was die van het engeltje, de ander van het duiveltje. Allebei lieten ze me geen keuze: ik moest en zou dinsdag hun concert in de Melkweg in Amsterdam bijwonen. Maar zij rockten dan ook de cd Consolers of the Lonely bij elkaar, misschien wel het beste album van het afgelopen halfjaar. En ze gaven was misschien wel het beste concert van het afgelopen halfjaar.

De vijfkoppige band bestaat voor het grootste deel uit Jack White en Brendan Benson, beide gitarist, beide vocalist. Brendan Benson heeft haar als een goudenregen: dunne krulletjes, die foezelig langs zijn gezicht hangen – hij is de surfdude, de student met het groezelig witte overhemd, de lichtgevende engel mét knetterende elektrische gitaar. Jack White is de zwartgallige, met een vertrapt vogelnestje op zijn hoofd, en een contrasterende sneeuwwitte huid, fel wit – de hysterische duivel van The White Stripes die je het gevoel geeft dat hij in een achtbaankarretje over zijn stembuigingen naar beneden roetsjt, mét sissende elektrische gitaar.

Wie een elektrische gitaar heeft en hem zo knijpt en kietelt dat hij knettert of sist, is eigenlijk, diep vanbinnen, een duiveltje. Zo maken The Raconteurs hun muziek: ze omsingelen je, de ene met zachtmoedige, strelende woordjes, de ander met zijn duivelse dubbele agenda; hij lijkt vertrouwenswekkend verleidelijk, maar die schijn bedriegt. Ze cirkelen om je heen, hypnotiseren je, worden gesteund door hun muziek – na de twee stemmen is dat de derde schakel in hun dodelijke drietrapsraket – en zetten dan hun dans in, draaien en tollen en trekken aan je mouw en laten je pas los als je op de rand van de afgrond staat.

Zo doen ze het met het wereldwijze meisje in ‘Old Enough’. ‘You look pretty in your fancy dress,’ fleemt Brendan. ‘But I detect unhappiness/ You never speak so I have to guess/ You’re not free...’ De band uit Nashville, Tennessee, wordt losgelaten in de arena – met piepende violen en nostalgisch mondharmonica’s, de cirkelende dans begint. Brendan: ‘There, maybe when you’re old enough/ You’ll realize you're not so tough/ And some days the seas get rough/ And you’ll see...’ Waarbij hij het laatste woord aanhoudt, laat zwieren en draaien, en het tegelijk lief laat klinken, aaiend, maar hoofdschuddend.

Uit de band uit Nashville, Tennessee, stijgt een tweede stem op. Die van Jack White. Die de woorden van Brendan meezingt, in de tweede stem, om het gloedvol te laten klinken, maar ook stekeliger. En dan neemt White zelf het woord. Hij begrijpt... ach meisje, hij begrijpt het allemaal wel. ‘When I was young I thought I knew/ You probably think you know too/ Do you? Well do you?’ zingt hij.

De band maakt zich klaar voor de finale. Het zwieren gaat harder, het meisje raakt verstrikt in de woorden van de twee vocalistenduivels: ‘What you gonna do, what you gonna do now?’ Het gaat maar door, en ach meisje, ach, dom wichtje: ‘The only way you'll ever learn a thing/ Is to admit that you know absolutely nothing.’ Ze zijn haar gedachten binnen geslopen en hebben een inktvlek gemaakt op haar onbezorgde zelfverzekerdheid.

Maar daarmee zijn we er nog niet. Er zijn, zoals ze in een ander nummer (hier) zingen, many shades of black.

Wordt vervolgd – volgende week.

4 opmerkingen:

Herbert Snoekhuis zei

En luister eens naar dit nummer van ze:

The Raconteurs - Crazy (Gnarls Barkley cover)

Alexander zei

Niet vervelend bedoeld, Herbert, maar ik vind deze versie van Crazy eigenlijk niet om aan te horen. Het is wel lekker knauwerig en swingend, maar het is niet zo prikkelend als de andere nummers van The Raconteurs - die zijn wat meer ingetogen, wat minder schreeuwerig. Dit is naar mijn smaak ook veel te emo - ik bedoel de muziekstijl 'emo', met die suizende spookhuispiepen in het refrein en de overslaande stem. In dit nummer rent Jack White zijn stem achterna, zich hopeloos vastklampend om hem nog bij te kunnen houden, in plaats van ermee over hobbels te sjezen en op te veren. Vind ik.

Jan Paul zei

Ja dat vind ik eigenlijk ook, Herbert.

Aladdin's Cave keepster zei

Ja deze gasten zijn te gek!