donderdag, november 08, 2007

Mijn eerste nacht op kamers (door Jeska)

Begin jaren 90 ging ik als 18 jarige wonen in Antwerpen.
Ik had een kamer gevonden in een pakhuis dat werd omgebouwd tot studentenflat. Omdat er geld moest komen om de rest van de verbouwing te bekostigen werd de zolder en de benedenverdieping al verhuurd. Ik zat op zolder en op de benedenverdieping zaten 6 Franse havenarbeiders. Het klinkt zoals het was. Ruige mannen, zwaarlijvig, tatoeages en veel bier. Met z’n allen op elkaar gepakt in stapelbedjes.
Ik voelde me echt niet op mijn gemak met deze ruige kerels in één huis. Voor de mensen die mij niet kennen: ik ben vrij klein en enigszins tenger. In die tijd helemaal want ik leefde op 1 gehaktbal en een blaadje sla. Koken is immers gedoe als je student bent.

De huisbaas kwam op me af. Hij keek me ernstig aan en zei met een Vlaams accent, ’s avonds mag je niet alleen naar buiten.’
Toen nam hij me mee naar een café. De eigenaar van de kroeg was familie van hem. De huisbaas zei tegen me, ‘hier mag je in nood altijd naar toe komen.’
Ik knikte en na een poosje liep ik terug naar het Damplein. Ik voel me nog lopen over de ongelijke stoeptegels terwijl ik keer op keer mezelf afvroeg: wat ben ik begonnen?
Ik beklom de 79 treden naar mijn zolder en deed vervolgens mijn deur stevig op slot.

Alles was een gedoe. Zelfs een plas doen.
Het toilet was twee verdiepingen lager en de luxe van een deur ontbrak. Ik sloop daarom naar beneden in de hoop dat mijn medebewoners me niet zouden horen. Ik hoorde de havenmannen Franse liederen zingen, de stemming zat er al goed in.
Bij iedere trede die kraakte sloeg mijn hart een slag over. Komen ze? dacht ik bezorgd.

Plotseling herinnerde ik me dat ik had beloofd even naar mijn ouders te bellen. Vlug weer naar beneden en vond een telefooncel in een steeg. Ik wilde net de cijfertoetsen indrukken toen de deur openzwaaide.

(wordt vervolgd)

10 opmerkingen:

Jan Paul zei

Misschien een iets te idyllische foto van Antwerpen bij dit stuk, maar ik vond geen andere.

Volgende week donderdag deel twee van dit stuk.

Nee hoor, grapje. Vanmiddag.

Van mijn eerste nacht weet ik niet veel meer. Dat was in elk geval totaal zorgenloos. Ik herinner me nog wel mijn eerste maaltijd.

Sinds mijn moeder allergisch werd voor vis aten wij dat nooit meer. Daarom heb ik de eerste week op kamers elke dag vis gegeten. De eerste keer dat ik naar die visboer ging bestelde ik doodleuk een grote tong. Dat aten wij vroeger ook. Ik kon meteen dertien gulden afrekenen, ongeveer mijn hele eetbudget van de week. Maar hij was het waard.

Jeska zei

Dat is ook een mooie herinnering, Jan Paul.
Het heeft toch iets als je op jezelf gaat wonen. Je voelt op die eerste dag heel bewust dat je zélf verantwoordelijkheid moet dragen voor alles. Zoals uitgaven, regeldingen en rare gebeurtenissen zoals ik die meteen de eerste dag op mijn bord kreeg!

Ik ben benieuwd of jullie dat met me eens zijn!

ted zei

Manneke Pis had me wel een leuke foto geleken bij het stuk van Jeska!

Toen ik op kamers ging wonen bracht mijn moeder me naar het huis waar ik mijn Amsterdamse avontuur begon. Een wakkergebelde jongen in peignoir met tijgerprint deed open en in de kamer hing de plafondlamp tot aan de vloer met een soepbord water eronder. De bedoeling was dat de vlooien erin sprongen en verdronken.
Mijn moeder liet me achter en huilde de hele weg terug naar huis.

Jeska zei

Dat is geestig! Manneke Pis!

Maar wat voelde jij, Ted? Had je ook tranen in je keel of was je juist opgetogen over het nieuwe avontuur dat je tegemoet ging?

ted zei

Eh, ik was blij dat het leven begón! Zo herinner ik het me in ieder geval. Nou ja, die vlooien vond ik wel vervelend, hoor, en die huisgenoot ook, maar ja. Ik was in ieder geval eigen-baas.

Jeska zei

Boeiende zin: 'ik was blij dat het leven begón!'
Maakt dat je benieuwd raakt naar het héle verhaal.
Ik was overigens juist gelukkiger in de jaren daarvoor.

Helpt een plafondlamp tot aan de vloer met een soepbord vol water eigenlijk tegen vlooien…?

Jan Paul zei

Ja, dat van die vlooien vroeg ik me ook al af!

Lope de Aguirre zei

Ja, het Damplein (begin jaren '90 érg groezelig, nu nog steeds groezelig, maar iets minder, momenteel bouwt men daar in de buurt aan een heel groot en chique park) en de kathedraal liggen niet echt dicht bij elkaar. Hoe kom je daar terecht?

Jeska zei

Oh, ja? Komt er een park! Dat is goed zeg.
Is de boel gesloopt dan? Dat is wel weer een vreemde gedachte…
Hoe ik daar terecht ben gekomen. Tja, dat is weer een lang verhaal!

Jan Paul had zomaar een Antwerps-plaatje bij de tekst gezet, Lope. Het klopt, de Kathedraal was inderdaad niet in de buurt!

Dank voor je reactie!

Lope de Aguirre zei

Het park komt op het oude rangeerterrein van de spoorwegen (het is eigenlijk al half af). Een paar gebouwen zijn gerenoveerd, de rest gesloopt.