donderdag, mei 31, 2007

Rare wet

Ik wilde nog gaan schrijven over een akelig avontuur met Sien, dat we een tijdje terug bij Philip Hopman beleefden. Maar Philip heeft dat al veel beter beschreven en getekend - zie hiernaast - dan ik zou kunnen. Dus dat hoeft niet meer. Al moet ik wel zeggen dat hij Sien íéts gemener heeft getekend dan ze in werkelijkheid is.

Dit stukje gaat dan maar over een gekke nieuwe hondenwet in Amsterdam. Je moet sinds gisteren namelijk altijd een hondenpoepzakje bij je hebben. Heb je dat niet, dan riskeer je een boete van 50 euro. Dat is een rare wet. En wel hierom:

Ten eerste zullen er genoeg mensen zijn die keurig een zakje bij zich hebben, maar het nooit zullen gebruiken.
Ten tweede kun je die zakken bij ons in de buurt nergens krijgen. Nou ja, nergens. In het Vondelpark. Maar daar zijn ze vaak op. En dan?
Ten derde heb je een probleem als je keurig je plicht als hondenbezitter hebt gedaan. Je hebt immers de ´grote bah´ opgeruimd en bent je zakje kwijt. Zul je nét op dat moment de sterke arm der wet tegenkomen die je genadeloos op de bon slingert. Je moet er dus altijd twee bij je hebben. En voor de zekerheid zelfs drie. Je weet maar nooit.

woensdag, mei 30, 2007

Jouw vrouw, mijn vrouw

Het jaar is nog niet eens voor de helft voorbij, maar wat mij betreft zijn de leukste 1 minuut en 46 seconden van het jaar al uitgezonden (heel vaak zelfs). Het betreft een fragmentje uit De televisie draait door over het programma 'Jouw vrouw, mijn vrouw'. Wie het nog niet gezien heeft: de laatste tien seconden zijn het grappigst.

Dom en dommer

We zien hier een foto uit de dierentuin in Wenling, je weet wel, in de Chinese provincie Zhejian. Een stel buitengewoon domme kuikens loopt hier de kooi in van twee jonge tijgers binnen. Gelukkig behoren deze tijgers ook niet tot de slimste, want ze hebben niet in de gaten dat er heerlijk vers etenswaar komt binnengemarcheerd. Sterker nog, de tijgers spelen even vriendelijk met de kuikentjes die daarna weer vrolijk verder lopen. Hopelijk niet naar de kooi van de krokodillen.

dinsdag, mei 29, 2007

Uit de kast

Bij Heineken zaten ze met een probleem. Er waren ooit wel veel Beertenders verkocht, maar de meeste daarvan stonden ver weggestopt in de kast. Niemand kocht dus nog een nieuw Beertendervat. Maar daar moest de brouwer het natuurlijk van hebben. Het reclamebureau moest er iets aan doen. En dit bedachten ze (zie foto):

Een advertentie in de Telegraaf en AD met daarin een oproep dat de winnaar van de grote Beertenderactie nog niet was gevonden. Die winnaar maakte kans op kaarten voor de Champions League-finale met Miss Griekenland als personal assistant. Bovendien waren er nog 97 andere prijzen niet geclaimd. Het enige wat je hoefde te doen om te winnen, was het serienummer van je Beertender op te zoeken en te kijken of dat overeen kwam met de winnende nummers op de site.

Meer dan 50.000 mensen bliezen het stof van hun Beertender om te kijken wat hun serienummer was. Met de zomer in aantocht kwam de thuistap weer in de keuken te staan. En dat was precies de bedoeling. De verkoop van de vaatjes is weer volledig op peil. En de grote Beertenderactie? Die heeft natuurlijk nooit bestaan.

maandag, mei 28, 2007

Nu tijdelijk 100% even gezond!

Boffen wij even. Die lieverds van Becel hebben de boter voor ons nóg gezonder gemaakt. Er zitten nu namelijk omega 3 en 6 vetzuren in. Speciaal voor ons. Attent toch? Nou. Niet helemaal. Het zat er namelijk al die tijd al in. Al tientallen jaren. Vroeger heette omega 6 gewoon linolzuur. Dat kennen we nog uit de jaren 70 en 80. Maar de naam ´linolzuur´ raakte in de loop der jaren (om maar in het jargon te blijven) ´verzadigd´. Dus daarom gaven ze hetzelfde spul een andere naam en schreeuwen het nu van de daken.

Het is hetzelfde probleem waar goede doelen ook mee zitten. Ze moeten de ellende elke keer vanuit een andere hoek belichten, anders worden we er ongevoelig voor. Zo blijkt maar weer: echt álles went.

zondag, mei 27, 2007

Afgekeurd

Je kent hem vast, deze campagne voor The Economist. ´I never read The Economomist´ en dan in kleine letters ´Management Trainee, aged 42´.

Alleen, deze campagne is niet voor The Economist. En er staat nu iets anders in de kleine lettertjes: ´Linda Foster, CEO, aged 29´. Het is een campagne voor Wonderbra. Hij is helaas alleen afgekeurd. Dus niemand zal hem verder te zien krijgen.

Servië, twee weken later

Rare jongens, die Serviërs. Een week voor het Songfestival onthulden de kranten van wakker Servië dat hun Marija Serifovic zou winnen. Niet door Balkanstemmen, maar juist door stemmen uit het Westen. Het Westen had een pact gesloten vanwege Kosovo. Op dit moment speelt de discussie bij de VN of Kosovo zelfstandig moet worden of niet. Kosovo is al autonoom, maar behoort officieel nog tot Servië. De West-Europese landen zouden daarom massaal op Servië stemmen: ´Jullie het Songfestival, wij Kosovo.´

Helaas voor de kranten bleek Servië nou juist gewonnen te hebben door Balkanstemmen. Dus gooide de krant het na de uitslag over een andere boeg. Verkade zou trots zijn op grootte van de chocoladeletters waarmee de pers over de zege kopte: EUROMARIJA. Ineens was er geen complot meer.

Behalve dan in de politiek. Want de Marija die van sommige politici niet mee mocht doen omdat ze te lelijk was en de Marija die volgens anderen thuis moest blijven omdat ze lesbisch was, die Marija was nu van iedereen. De Roma Partij claimde haar bijvoorbeeld omdat van Roma-afkomst is. Maar de Radicale Partij wist juist te melden dat haar grootvader al sinds 1995 lid van hun partij was. Marija was dus van hen.

En Marija zelf? Die blijft politiek neutraal. ´Ik hou me niet bezig met politiek en ik hoop van harte dat politici zich niet bezig houden met muziek.´ Wat dat betreft is Servië weer verder dan Nederland. Want wij hebben Nawijn.

zaterdag, mei 26, 2007

Aanstellerds

Gisteren schreef ik over de lachmeditatie in het Vondelpark. Ik weet niet helemaal wat ik daarvan moet vinden. Met de lachmeditatie heb ik sowieso niks, maar waarom moet dat nog eens en plein public? Ik vind dat aanstellerig. Net als andere mensen die in het park zitten te mediteren. Je kan het ook gewoon thuis doen. Dan word je bovendien minder snel afgeleid.

Je kan ook zeggen dat het juist prima is om lak aan alles te hebben en te doen waar je zelf zin in hebt. Dat had ik weer bij een Chinees die elke dag bij de Kralingse Plas in Rotterdam zijn Tai Chi oefeningetjes deed. Die vond ik wel stoer. Maar bij Tai-Chiërs in het Vondelpark heb ik juist het omgekeerde. Die hebben iets kijk-mij-eens-tai-chi-doen-erigs.

Het ergste vind ik momenteel een of ander stom houten spel met blokken en knuppels. Dat moet meteen verboden worden. De mensen die het spelen staan ook voortdurend om zich heen te kijken of iedereen wel ziet dat ze zo´n interssant nieuw spel aan het doen zijn.

Wat ik daarentegen weer wél leuk vind, dat zijn groepjes mensen die capoeira doen. Ik snap ook dat je dat liever niet thuis doet als je net een paar dure vazen hebt gekocht. Van jongleurs snap ik dat ook. Maar dat zijn alleen meestal van die ongewassen neo-hippies.

vrijdag, mei 25, 2007

De lachmeditatie

Ik denk dat het een jaar of zeven geleden was. In het Vondelpark hing een ´s ochtends vroeg een groot spandoek met de tekst ´lachen doet lachen´. Bij dat spandoek stonden drie of vier mensen te lachen. Omdat ik voor een uitgever heb gewerkt die ´De Lachmeditatie´ van Dhyan Sutorius uitgaf, wist ik meteen waar we hier mee te maken hadden. Heel langzaam breidde het groepje uit. Soms waren er wel zeven deelnemers. En toen kwam de pers. Eerst AT5, toen het Parool en daarna andere bladen en media. Vanaf dat moment ging het snel met het aantal deelnemers. Ik denk dat er op het hoogtepunt wel een stuk of achttien mensen stonden te lachmediteren. Totdat het mis ging.

Op een gegeven moment waren er twéé kleinere groepen aan het lachen. De ene groep had het spandoek nog. De andere groep stond er een meter of dertig vandaan. Ze konden nog wel lachen, maar niet meer samen.

Ik heb me altijd afgevraagd wat er hier aan de hand was. Een schisma in de lachmeditatiekerk? ´Jullie lachen verkeerd!´ Ruzie? ´Harm-Jan, Renske en Dini stonden altijd met elkaar te lachen, en dan had ik zoiets van: je lacht met z´n allen. Nou en toen ik dat zei, toen pikten ze dat niet.´ Of een concurrerende groep? ´Dat kunnen wij beter. Véél beter.´ Uiteindelijk bleef er één groep over en die werd weer kleiner en kleiner.

Tegenwoordig wordt er weer (of nog steeds) gemediteerd. In kleine groepjes. En nu niet meer staand, maar liggend op matjes. Wie zin heeft: volgens mij zijn ze er op woensdag en zaterdag in het Vondelpark. Rond acht uur bij de fontein in de buurt van hert Blauwe Theehuisje.

donderdag, mei 24, 2007

Uri is terug

Paranormalist Uri Geller (hier op de foto tussen Ronald Jan Heijn en de voormalige buurman van Henk de Vries) is zo ongeveer het hardnekkigste paranormale onkruid dat er bestaat. Hij is al talloze malen ontmaskerd en zelfs een middelmatige goochelaar kan alles wat hij kan. Of het nu gaat om lepels buigen, kompassen op hol laten slaan of gedachtenlezen.

Vlak voor het BBC programma Noel´s House Party viel hij ooit akelig door de mand toen hij vergat dat er camera´s op hem gericht waren. Hij was op dat moment al vrolijk zijn lepeltjes aan het voor-buigen en verbergen en dat werd allemaal gefilmd. Ook heeft charlatanontmaskeraar James Randi een boek geschreven over de trucs van Geller. In zes woorden: even oefenen en iedereen kan het. En het verhaal gaat dat Geller de Israëlische geheime dienst heeft geholpen met allerlei trucs die bij hun spionageactiviteiten goed van pas kwamen.

Uiteindelijk waren er zoveel schandalen en ontmaskeringen, dat hij bij het grote publiek uit de gratie viel. Maar nu is hij dus weer terug.

Ronald Jan Heijn heeft zelfs een film over hem gemaakt. En dát snap ik nou niet. Als je in een film wilt aantonen dat politici nooit liegen, dan ga je Tara Singh Varma toch ook niet interviewen? Maar voor Ronald Jan Heijn maakt dat niet uit. Hij gelooft nog steeds dat Geller echt lepeltjes kan buigen en in contact staat met met buitenaardse wezens. Of ben ík juist goedgelovig en moet ik Ronald Jan Heijn niet geloven?

woensdag, mei 23, 2007

Jut en Jul

Eind juni gaan Bibi en ik een week naar Frankrijk. Daar verblijven we in een toren op een mooi landgoed. Op dat landgoed staat een heus arboretum met honderden verschillende soorten bomen, zoals bijvoorbeeld sequoia’s. En er zijn veel dieren. Voornamelijk gevederde. Ook de twee ganzen op de foto links horen daarbij. Ze heten Jut en Jul (ik zou ze liever Gansje en Ganssje genoemd hebben). Ik weet niet of de één daadwerkelijk Jut of Jul heeft of dat ze zo samen heten. Maar ze zijn identiek en bovendien nooit meer dan tien centimeter van elkaar verwijderd. Het is dus lastig om ze uit elkaar te houden.

Ik ken geen twee wezens op aarde die negatiever in hun vel/veren zitten dan deze twee. Maar dat maakt ze onvoorstelbaar grappig. Iedereen is de vijand. Als je aardig doet, dan ben je een slijmbal die vast iets in z’n schild voert. Als je onaardig doet dan zeggen ze ‘zie je wel, hier komt de ware aard naar boven’. Als je niets doet, dan ben je een vreselijk gemeen plan aan het smeden. Bibi voert ze wel eens. Dan zijn ze een paar seconden niet vijandig. Maar meteen daarna is het weer raak. Dan moet ze weg, met ‘r lege handen.

Je hoort ze de hele dag te keer gaan. Er gaat geen kwartier voorbij of ze hebben wel weer ruzie met een eend, kip, kruiwagen of voorbijganger. Maar alleen als het stil is moet je voor ze oppassen. Dan komen ze stilletjes op je af geslopen om je gluiperig van achteren aan te vallen en gemeen te bijten.

dinsdag, mei 22, 2007

Blauwe koe

In Hoofddorp heb je Temfay Antiek. Die naam komt van de eerste letters van de voornamen van de kinderen van de eigenaar. De saladefabriek Johma komt van de namen Johan en Martinus. In Leiden had je een fietswinkel Dusoswa, ik dacht altijd dat dit ook zo´n naam was, maar het blijkt gewoon een achternaam. Net als Jamin.

Soms moet ik voor een klant een bedrijfsnaam verzinnen. Dat is altijd een leuke, maar ook verschrikkelijk lastige klus. Vroeger was dat juist nog uiterst eenvoudig. Je had een naam en een beroep of product. Dat werd dus Balkenende Scharnieren. Of Van de Vendel Nestels – dat zijn die plastic bindertjes aan het eind van je veter.

Maar tegenwoordig moet het anders. Het moet nergens op lijken, veel medeklinkers met een hoge letterwaarde bij Scrabble hebben en vooral niets betekenen. Xerox is een mooi voorbeeld. Maar Xerox was een van de eerste dada-namen en toen kon het nog.

Maar nu wil iedereen het. Dus heet het Bijbels Openluchtmuseum ineens Oriëntalis. De Heidemij van vroeger heet Arcadis. Een bibliotheek voor blinden heet Dedicon. En wie wil er niet Selexyz op drie keer woordwaarde hebben? De reclamebureaus adviseren soms nog van ´doe het niet´. Maar de klanten willen het toch.

Net als de combinatie van een kleur en een dier, plant of vrucht – in het Engels. Dat komt weer door Pink Elephant, wat iedereen zo´n goede naam vond. Maar toets in de adresbalk van je browser willekeurig bluezebra, bluerose of bluelemon in (of welke variant dan ook) en je komt op een website. Al dan niet van een bedrijf dat werkelijk zo heet. En wat heb je in zo´n geval? Een onoriginele naam, die niets over jou of over je product zegt.

Hoe het ook kan? Een nieuwe Amsterdamse uitgeverij die Nieuw Amsterdam heet. En dat is nou net de uitgeverij die een boek heeft uitgebracht dat de vloer aanveegt met alle bovenstaande namen.

maandag, mei 21, 2007

Gekke weekenden

Dames opgelet. Jullie kunnen schathemeltje rijk worden. Hoe? Door eens een paar maanden lang flink tekeer te gaan in de sportschool. Er is namelijk een enórme behoefte aan extreem gespierde vrouwen. Dat weet ik dankzij een van de afleveringen van Louis´ Weird Weekends van een paar jaar geleden.

Hij interviewde daar vrouwen die miljoenen verdienen met Rambo-achtige films waarin vrouwen de hoofdrol spelen. Xena, the Warrior Princess is er maar een (no pun intended) slap aftreksel van. In deze films zijn de mannen zwak en hulpeloos en zijn de vrouwen sterk en machtig. Het is een kleine subcultuur, maar wel een bijzonder kapitaalkrachtige.

Zo zijn er dus mannen die honderden dollars betalen om eventjes OPGETILD TE WORDEN door zo´n kranige dame. Voor hetzelfde tarief mag je OP SCHOOT bij een van de meisjes. Echt waar. Honderden dollars. Voor op schoot zitten. Meer niet. En natúúrlijk zijn er ook dames die verder gaan. Die het verpesten voor de rest. Die er beduidend lichtere zeden op na houden. Maar daarvoor moet je nog véél flinker in de buidel tasten.

Ik heb geprobeerd om ondersteunend filmmateriaal op Youtube en Google Video te vinden, maar dat is niet gelukt. Wie het wél weet te vinden en de link doorgeeft, mag even bij mij op schoot.

Louis Theroux

Goed nieuws voor televisiekijkend Nederland. Heel goed nieuws zelfs. Want eindelijk zendt de VPRO een documentaireserie van Louis Theroux uit. Gisteren was de eerste. De eerdere series werden hier nooit uitgezonden en dat is een schande. Ik geloof dat Canvas het wel heeft gedaan.

Wie is Louis Theroux? Hij is de zoon van de schrijver Paul Theroux. Hij is in Singapore geboren en half Amerikaan en half Brits (in zijn verschijning en voorkomen volledig Brits). En hij maakt dus documentaires. Zoals Louis’ Weird Weekends, waarin hij onder andere een weekend op bezoek ging bij Zuid-Afrikaanse fascisten, gevaarlijke Amerikanen die een eigen leger hebben opgericht (om uiteindelijk te vechten tegen de buitenlanders, wanneer dat moet), de Ku Klux Klan en pornosterren.

Wat maakt zijn documentaires zo bijzonder? Hij gaat op bezoek bij soms uiterst gevaarlijke subculturen. Daarbij is hij volkomen eerlijk en integer. En uiteindelijk slaagt hij er in alle vragen te stellen die je als kijker ook hebt.
In de volgende aflevering gaat hij op zoek bij de meest gehate familie van Amerika. Kijken.

zondag, mei 20, 2007

Zes woorden

´For sale: baby shoes, never worn.' Volgens Ernest Hemingway heb je niet meer dan zes woorden nodig voor een goed verhaal. Dit vond hij zelfs zijn beste ooit. Het inspireerde sommige schrijvers om ook zo´n verhaal te schrijven. Margaret Atwood schreef mini-chicklit: ‘Verlangde naar hem. Kreeg hem. Shit.’ De Britse sf-schrijver Richard K. Morgan wist de tragiek van oorlog in zes woorden te vangen: ‘K.I.A. Baghdad, Aged 18 – Closed Casket.’

Feit is dat alle Rocky-films een stuk aangenamer zouden zijn als ze in zes woorden werden verteld: ´Rocky verliest, verliest, verliest, traint, wint

Vorig jaar kwam de NRC met een zeswoordenverhalenwedstrijd. De winnende inzending was: ‘Ik dacht ,,ik ga’’; ik bleef’. Bij de NRC-wedstrijd kon je ook nog een beetje stechelen. Je mocht je verhaal een titel geven. Daarmee kan je net iets meer uitleggen. Zo kwam ik op:

´Begrafenis
Veel mensen nog. Voor die lul


In de gewone zeswoordenvariant kan-ie ook. Maar dan als:

Begrafenis. ´Veel mensen. Voor die lul.´

Laatst werden de zeswoordenverhalen van bekende schrijvers op een ´Nightwriters´-avond voorgedragen. Dit was de oogst:

Tommy Wieringa had een Hemingway-variant:
Te koop: Feyenoord-vlag, weinig mee gezwaaid.

Hans Münsterman ook:
Aangeboden: blindegeleidehond, tuigje licht beschadigd.

Gerbrand Bakker maakte duidelijk dat een van zijn boeken een stuk dunner had kunnen zijn:
Ik heb vader naar boven gedaan.

AFTH wist zelfs in zes woorden nog volumineus te zijn:
Tweeënzeventig maagden gedood door vertraagd ontstekingsmechanisme.

Herman Koch haalde zijn studenten weet uit de kast:
‘Ja?... Wat?... Nee!... Alweer?... Jezus!... Lul.’

Kluun kwam in stijl met:
‘Dit blijft ons geheimpje,’ zei papa.

Susan Smit was een stuk leuker:
Ze had een balansdag, qua mannen.

Maarten Spanjer beschikte over zelfspot:
Maarten Spanjer verplaatst naar kleine zaal.

Tom Lanoye had een prachtige:
Hij snikte ‘Hoer!’ En vilde voort.

En Ronald Giphart. Ach:
Groeien neuken baren opvoeden rusten sterven.

Dit zijn enkele van de overige inzendingen, met nog een enkel juweeltje:

We blijven hopen haar te vinden.
Kristien Hemmerechts

De dood verhinderde Jack's laatste woorden.
Herman Brusselmans

Probeerde ziel te verkopen. Niemand wilde.
Renske de Greef

Moeder huilt. Vader omhelst de toiletpot.
Martin Bril

Eenmaal wakker zag ze overal bloed.
Marcel Möring

Gezocht: touw, gras, geit en glijmiddel.
Yusef el Halal

Sta stil: hoor de bommen vallen.
Adriaan van Dis

Niet nu! Ik ben al dood.
Joost Zwagerman

Lustmoordenaar: 'Ik kom alleen bij jou.'
Manon Uphoff

Ze kwamen nooit meer terug! Salam!
Kader Abdollah

'Zwijgen is goud.' 'Vertel mij wat.'
Christophe Vekeman

Met zijn auto keihard langs flitspalen.
Saskia Noort

‘Vader, echt, de méns schiep God.’
Hugo Borst

En toen schiep God de mens.
Stefan Brijs

De rest was zomaar een leven.
Annelies Verbeke

Kokkend laat ze haar mond volspuiten.
Clark Accord

Eindelijk had hij ze dan. Borsten.
Onno te Rijdt

"Ballonvaarder door de mand gevallen"
Esther Verhoef

Schat, het lag niet aan jou.
Alex Boogers

Kijk, een vliegtuig. Oh, my God!
Peter Verhelst

Maar haar sleutel bleek een mes.
Laurens Abbink Spaink

Stand-in zoekt werk. Liefst dode schrijvers.
Sieger Sloot

'Hij had aan zes woorden genoeg.'
Arjan Visser

“Ja,” zei ze. “Ja, ja, jaaaaaaa.”
Ernest van der Kwast

Dat is je vader niet, Adolf.
Jack Nouws

Hij was astronaut, zonder vader opgegroeid.
Mustafa Stitou

Waarom droeg deze vreemde vaders horloge?
Jessica Durlacher

Ze zei nee. Ik verstond ja.
Karin Giphart

Wie heeft er nog een mooie?

vrijdag, mei 18, 2007

Waarheen?

Morgen neem ik een dagje vrij. (Werkt-ie dan wel op de dagen dat-ie dat niet meldt? - Ja, in principe wel. Of ik heb afspraken die niets met werk te maken hebben.) Bibi neemt ook vrij en Sien is op vakantie, dus we gaan wat leuks doen. Maar wat? Het plan is nu om een dagje Antwerpen te gaan doen. Dat is leuk en lekker snel met de trein. Maar we hebben dat al een paar keer eerder gedaan en misschien is er wel iets originelers te bedenken. Maar wat? Waar?

Opties: Amsterdam. Toerist uithangen in je eigen stad. Doen we al regelmatig.
Leiden: best leuk. Haarlem hebben we ook al regelmatig gedaan, maar Leiden nog niet. Er zijn ook veel mooie musea.
Rotterdam: op zaterdag? Nee.

Dus we weten het nog niet. Antwerpen heeft voorlopig de voorkeur. Of heeft iemand een betere suggestie?

donderdag, mei 17, 2007

Waar is Miebeth mee bezig?

Miebeth houdt zich de laatste tijd rustig op dit blog. Dat komt omdat ze zich verdiept in het klimaat. Want ook al geven alle gerenommeerde meteorologische instituten aan dat de CO2-uitstoot het broeikasprobleem veroorzaakt, er zijn nog steeds duizenden(!) wetenschappers die het niet geloven.

De rare bloem op de foto is geen bloem, maar een ´artist impression´ van de temperatuurschommelingen van een ster. Diezelfde temperatuurschommelingen zorgden er voor dat onze aarde van 950 tot 1100 AD een stuk warmer was dan nu. En diezelfde schommelingen zorgden er voor dat het enkele honderden jaren geleden juist weer een stuk koeler was dan nu.

De zon is dus een stuk belangrijker dan de CO2-uitstoot als het gaat om de temperatuur op aarde. Dat klinkt plausibel. Maar Miebeth wil er toch meer van weten. Daarom is ze op zoek naar bewijzen dat de aarde door toedoen van de mens opwarmt. En dat is lastig.

woensdag, mei 16, 2007

Introducing: Meneer S.

Neeneenee, geen nieuwe schrijver op dit blog. Miebeth Zalfjes en ik kunnen het nog prima zelf aan – Miebeth bereidt zich nog steeds voor op een nieuwe serie wetenschappelijke bijdragen. Maar op dit blog zal ik voortaan met enige regelmaat schrijven over de avonturen van Meneer S.

Meneer S. is onze sympathieke bovenbuurman. En al komt hij misschien over als een romanfiguur, hij is echt van vlees en bloed. Daarom een introductie met enkele feiten over deze opmerkelijke man.

Laatst was een Ier in het nieuws omdat hij al 96 jaar in hetzelfde huis woont. We hopen dat Meneer S. dat record gaat breken. Hij woont nog steeds in het huis waar hij geboren is. En met zijn leeftijd – hij loopt tegen de zeventig – is hij al aardig op weg.

Hij is dus nooit onder de vleugels van zijn ouders uitgevlogen en is nooit getrouwd geweest. Sinds zijn moeder overleed woont hij alleen in het pand. Nou ja, niet helemaal alleen. Hij heeft de poes Witvoetje. Maar Witvoetje brengt niet alleen maar vrolijk gezelschap. Regelmatig horen wij een zware bonk en daarna een boze meneer S.: ‘Nee Witvoetje! Dat mag niet! Witvoetje toch! Nee! Nee! Nee!’.

Onze bovenbuurman is van huis uit theoloog. Hij is weliswaar gepensioneerd, maar schrijft nog wel eens een artikel her en der. Verder slaapt hij niet, of hooguit een paar uur per dag, waarschijnlijk tussen zeven en acht uur ’s ochtends. De rest van de tijd luistert hij naar de radio. Kerkdiensten hebben zijn voorkeur, maar dat hoeft niet per se. Zo nu en dan horen we uiterst experimentele muziek van boven. En laatst hoorde ik toch echt de Bloodhound Gang met ‘The roof, the roof the roof is on fire’.

Binnenkort meer. Maar als bonus zal ik elk stukje over hem eindigen met interessante meneer S. trivia. Het meneer-s-weetje van vandaag: meneer S. spreekt vloeiend Italiaans.

Oh ja. Geen foto’s van meneer S. natuurlijk. Daarom dit pittoreske plaatje van een natuurgebied in Noord-Holland.

dinsdag, mei 15, 2007

Kopregelverzinwedstrijd?

Weer een grappig plaatje. Twee doodshoofdaapjes die verkeerd om op de rug van een kapibara zitten. Hij lijkt me te lastig voor een kopregelverzinwedstrijd. Maar het mág natuurlijk wel.

Lekker vechten

Wij hebben onze hooligans, in Taiwan hebben ze daar politici voor. Iedereen kent de beelden wel van parlementsleden die elkaar daar in de haren vliegen. Vorige week was het weer raak. En deze Taiwanese Sharon Dijksma hield er een flinke jaap in haar arm aan over.

maandag, mei 14, 2007

Het weer

Als je een hond hebt is het heel handig om op de neerslagradar te kijken. Zo zie je precies wanneer je wel naar buiten kunt en wanneer niet. Daardoor weet ik dat er de hele dag al buien vallen in het hele land. Ook is duidelijk zichtbaar dat de meeste buien wegtrekken en dat het vanmiddag op veel plaatsen droog zal zijn. Toch houdt Aldith Hunkar op het journaal al sinds vanmorgen vroeg vol (het is nu twee uur) dat het alleen in het westen regent, maar dat het later in de middag overál gaat regenen.

Zou de weerman Aldith expres verkeerd voorlichten, of zouden Aldith en haar redactie te lui zijn om het weerbericht te actualiseren?

De ster uit het verleden: John Hillerman

´The reports of my death are greatly exaggerated´ zei Mark Twain nadat hij dood verklaard werd door verschillende kranten. John Hillerman kon hetzelfde zeggen. In 1996 verschenen er allerlei berichten in kranten en nieuwsuitzendingen dat hij overleden was. Het bleek om een plaatsgenoot met dezelfde naam te gaan. In werkelijkheid werkte Hillerman nog gewoon door. Alleen niet meer zo prominent als in de rol van Jonathan Quayle Higgins III in de serie Magnum. Pas in 2000 stopte ´Higgiebaby´ met acteren.

In werkelijkheid was Hillerman geen Brit, maar een Texaan met een zwaar Texaans accent. Voor zijn Britse accent heeft hij hard moeten oefenen, maar het loonde. Hij mocht dat kunstje in vele series doen. Vaak in een rol die gebaseerd was op het character van Higgins. Overigens was Higgins weer gebaseerd op een ander personage. Dat van Simon Brimmer, een Engelse detective, in de serie Ellery Queen. Gelukkig mocht hij ook wel eens andere rollen spelen met een Amerikaans accent. Bovendien speelde hij al bij-, gast- en hoofdrollen in diverse grote films en series voordat hij Brits sprak. Zoals Chinatown, Love Boat, Kojak en Blazing Saddles. Maar dat is toch nog altijd even wennen als je hem in zo´n rol ziet.

zondag, mei 13, 2007

George

Dit is George, hij kreeg vorige week postuum een medaille voor moed. Postuum. George redde vijf kinderen uit de klauwen van twee pitbulls. De pitbulls kwamen razend op de kinderen afgerend en George ging er tussen staan. Als een blaffend afweermechanisme. De kinderen werden gered, maar George heeft de reddingspoging niet overleefd. Naast de medaille kreeg George ook een Purple Heart van een Vietnamveteraan. Die stuurde zijn exemplaar direct vanuit Amerika naar Nieuw Zeeland, waar de eigenaar van George woont.

zaterdag, mei 12, 2007

De ster uit het verleden: Rhea Perlman

1992 was een slecht jaar voor Rhea Perlman. In alle andere elf seizoen van Cheers werd ze genomineerd voor een Emmy, maar in dat ene jaar niet. Uiteindelijk zou ze hem vier keer winnen. Voor Best Supporting Actress in een comedy. Lijkt me terecht. We zouden niemand anders willen in de rol van Carla Tortelli.

Herinnert u zich trouwens Phil nog? Die zo nu en dan eens langs liep en een zinnetje mocht zeggen in de serie? Dat is haar vader. Haar zus Heide Perlman had als schrijver en script editor een belangrijke rol in de scenario´s. En zo nu en dan liep haar man, Danny de Vito, ook nog eens op de set. Die kende veel van de medewerkers nog van Taxi, waarin hij de hoofdrol speelde. Cheers was dus eigenlijk een soort familie-uitje voor haar. Het was ook haar bijna complete carrière op televisie. Verder heeft ze weinig gedaan.

Maar wat deed ze dan toen de serie was afgelopen? Kwam ze in een diep zwart gat terecht? Nee, niet bepaald. Ze ging kinderboeken schrijven. En niet zoals zoveel sterren één of twee, maar een hele serie. En met flink wat succes. Ik zag de boeken in Bologna en vroeg me nog af of ze inderdaad van dezelfde Rhea Perlman waren. Ja dus.

Een collega dus. Leuk. En ik wil best wel eens een keer in een comedy spelen. Zelfs als supporting actress.

vrijdag, mei 11, 2007

Haar

Hij was de Aramis-man in diverse Amerikaanse commercials. Later kreeg hij als acteur rollen in Magnum, Family en Taxi. Maar echt beroemd werd hij natuurlijk door Cheers. Hij kreeg door zijn rol als Sam Malone diverse prijzen, waaronder die van ´beste mannelijke hoofdrolspeler´. Meerdere malen zelfs. Daarnaast stond Ted Danson vooral bekend om zijn stevige kaaklijn en zijn...? Heel goed: haar.

Vanaf de eerste aflevering van Cheers maakte Sam Malone opmerkingen over zijn eigen haar. Zoals ´Met een goed uiterlijk kun je vrouwen versieren, met goed zittend haar kun je de wereld veroveren.´ Maar vanaf de eerste aflevering ging ook het gerucht dat zijn haar niet echt was... Volgens de roddelpers had hij een haarstukje.

In werkelijkheid had hij geen haarstukje. Wel verfde hij zijn hoofdhuid donker, zodat je geen kale plekken zag. Maar uiteindelijk moest hij er toch aan geloven. Voor zijn rol als Sam moest hij perfect zittend haar hebben. En dat kan niet met een zonnetje op je achterhoofd. Op dat moment schreef de roddelpers overigens dat hij volkomen kaal was en een pruik droeg. Dat deden ze met een enorme ijver. Het was een belangrijke kwestie voor ze. En terecht natuurlijk. Vandaar dat ik er ook over blog.

Later nam Danson wraak op deze bladen door in een prime-time talkshow zijn haarstukje af te doen en te laten zien dat ze al die jaren onzin verkochten. Danson werd daarna een tijd de beroemdste acteur met een haarstukje.

In het dagelijks leven gebruikte hij dat overigens niet. En tegenwoordig gaat hij helemaal toupetloos door het leven. Ook in de verschillende films en series waarin hij nog regelmatig speelt.

donderdag, mei 10, 2007

Legendes

Philadelphia, ergens achterin de 19e eeuw op een regenachtige avond. Een ouder echtpaar stapt de lobby van een hotel binnen. De receptionist begroet ze vriendelijk.
´Kunnen we hier een kamer krijgen?´ vraagt de man. ´Alles in de stad lijkt vol te zitten.´
´Sorry,´ zegt de receptionist, ´ook wij zitten vol. Er is een groot congres in de stad.´
Zwaar teleurgesteld wil het tweetal het hotel weer verlaten. De receptionist ziet het en beseft dat de twee oudjes nergens in de stad terecht zullen kunnen.
´Het enige dat ik u kan bieden is mijn eigen kamer,´ zegt hij. ´Maar verwacht er niet teveel van. Het is maar een klein kamertje.´

Het echtpaar gaat dankbaar op zijn voorstel in. De volgende dag bedanken ze de receptionist voor zijn klantvriendelijkheid.
´Weet u,´ zegt de man, ´ik ben zelf een hotel aan het bouwen. Als het klaar is zal ik aan u denken. Iemand als u kan ik goed gebruiken. Wij houden contact.´

Twee jaar later lost de man zijn belofte in. De receptionist wordt in één klap bedrijfsleider van het grootste hotel van New York: het nieuwe Waldorf=Astoria. De man die hij hielp was niemand minder dan William Waldorf Astor.

Die receptionist, George C. Boldt werd zelf ook een legende. Hij maakte het hotel wereldberoemd en werd puissant rijk. Het optrekje hierboven liet hij bijvoorbeeld voor zijn vrouw bouwen. Het kasteel staat op een klein eilandje in een groot meer tussen New York en Ontario. Het heet daar het Thousand Islands gebied. Van de dressing inderdaad. En dat is geen toeval, want de dressing is voor het eerst op Boldt Castle gemaakt. Door Oscar Tschirky, de kok van het Waldorf en bedenker van de Waldorfsalade.

Waldorf = Astoria

Instituten zoals Harry´s Bar hebben altijd een mooie geschiedenis. Of zou het andersom zijn? Dat je door een mooi verhaal een instituut wordt? Neem nou het Waldorf=Astoria.

De naam Astoria komt van de familienaam Astor. In 1784 maakte John Jacob Astor de oversteek naar Amerika. Hij had niet veel meer bij zich dan vijf Engelse ponden en zeven fluiten (door zijn broer gemaakt). Maar toen hij in 1848 stierf, was hij de rijkste man van het continent. Na hem kwamen weer nieuwe generaties, en die wisten het familiekapitaal nog meer te vergroten.

De koningin van de familie was mevrouw Caroline Wester Schermerhorn Astor. Koningin, want zij regeerde over haar familie alsof het een koninkrijk was. En qua bruto nationaal product kan dat ook best gezegd worden. Haar neef, William Waldorf Astor, vond dat allemaal maar niets. Hij zag het liefst zijn vrouw als hoofd van de familie. En om de daad bij het woord te voegen bouwde hij een enorm hotel. Pal naast het ´paleis´ van zijn tante. Het hotel stak zo gigantisch af tegen de villa van zijn tante, dat die laatste ineens op eenvoudige doorzonwoning leek. Het hotel werd meteen een succes. Het was ´the Guilded Age´, de Gouden Eeuw van de Verenigde Staten.

Natuurlijk lieten de Astors dat niet op zich zitten. Koningin Astor liet haar zoon een nog groter hotel bouwen. Op de plaats van haar eigen huis. Daarmee had ze meteen een woning die bij haar statuur paste. Maar aan alle gouden eeuwen komt een einde. En ´money runs thicker than blood´ zeggen ze in het Engels. Want de revenuën liepen terug en de nieuwe generatie Astor, John Jacob IV en William Waldorf, begrepen dat ze beter konden samenwerken dan elkaar tegenwerken. En zo bouwden ze de twee hotels om tot één machtig bouwwerk. Het nieuwe hotel had duizend kamers met de New Yorkse primeur: stromend water. De naam: Waldorf=Astoria. Het =teken staat er niet voor niets. Dat geeft aan dat de een niet voor de ander onder doet. Ook al staat de ene naam vooraan.

Dit alles gebeurde zeer tegen de zin van de oude mevrouw Astor. Maar op een punt kreeg zij haar zin. De panden zijn nooit tegen elkaar aan gebouwd. Dat liet ze niet toe. De panden bleven een meter van elkaar verwijderd. Een smal steegje scheidde de twee gebouwen. De naam van het steegje was ´Peacock Avenue´.

(de foto´s zijn van de latere versie van het Waldorf=Astoria, dus niet uit de tijd waar dit stukje over gaat)

woensdag, mei 09, 2007

Carpaccio

De Bellini cocktail komt er vandaan - een deel witte perzikpulp en twee delen prosecco. De Montgomery - vijftien delen gin en een deel vermouth: precies de verhouding waarin Generaal Montgomery graag tegenover zijn vijanden stond. Het was Hemingway´s favoriete drankje in Harry´s Bar. En natuurlijk de carpaccio.

Het verhaal gaat dat een rijke barones van haar arts te horen had gekregen dat ze vooral rauw vlees moest eten. Ze vertelde dit aan Giuseppe Cipriani en die bedacht voor haar de salade met dun gesneden ossenhaas. Het gerecht werd een internationale klassieker. De naam komt van de Italiaanse schilder Vittore Carpaccio, die zo van de kleur rood hield.

Veel koks denken dat ´carpaccio´ met dun gesneden te maken heeft: ´een carpaccio van komkommer´. Dat is dus fout. Je kunt daarentegen wel weer een carpaccio van verse tonijn maken.

Ooit sprak ik de fotograaf en schrijver Philip Mechanicus. Hij vertelde dat dit hele verhaal van Harry´s Bar onzin was. Een goede PR-stunt. Meer niet. Het recept bestaat er al eeuwen. Dat komt omdat de streek Veneto, waar Venetië in ligt, straatarm was. De enige manier om nog vlees te kunnen betalen was door het flinterdun te snijden. Zo leek een heel klein stukje vlees nog ergens op.

Wie in Harry´s Bar is kan de carpaccio overigens het beste overslaan. Hij schijnt niet zo best te zijn en bovendien peperduur. Het voordeligste gerecht op de kaart is een clubsandwich van 40 euro.

Maar een Bellini, die is zijn prijs van tien euro meer dan waard. Genuttigd in een stoel waar groten der aarde als Hemingway, Bogart & Bacall, het Britse koningshuis en de internationale filmwereld wellicht ook zaten.

dinsdag, mei 08, 2007

Harry's Bar

Wie in Venetië is en dit raam ziet, die staat voor Harry’s Bar. Het beroemdste café ter wereld dat geen café is. Want het is een restaurant. Het verhaal van deze trekpleister voor de rich & famous begint in de jaren twintig. Giuseppe Cipriani werkt in die jaren achter de bar bij een luxueus Venetiaans hotel. Eén van de vaste klanten is Harry Pickering, een Amerikaans rijkeluiszoontje dat hard bezig is om het familiekapitaal te verbrassen. Toch mag Cipriani de jongeman wel en de twee raken bevriend. Harry komt elke dag langs, totdat hij zonder iets te zeggen weg blijft. Maar in Venetië kan je niet vluchten. Je komt elkaar vroeg of laat wel weer tegen. En dat gebeurde dus ook bij Harry en de barman.

Harry vertelt dat zijn ouders de geldkraan hebben dichtgedraaid. Hij heeft enorme schulden en geen geld meer om aan de bar te hangen bij Giuseppe. Cipriani vraagt hem hoeveel hij nodig heeft om zijn rekeningen te betalen en leent Harry uiteindelijk een enorm vermogen – geld dat hij spaarde om zijn droom te verwezenlijken: een eigen bar.

Vervolgens hoort Cipriani maandenlang niets meer van Harry. Maar in 1931 keert de Amerikaan weer terug. Met het geleende geld en zoveel rente dat Cipriani in een keer een eigen café kan beginnen. Hij noemt de bar naar zijn grote weldoener. En dat is het begin van een lang succesverhaal.

Jochem Myjer

Nog een Youtube-tip: Jochem Myjer bij de Mike en Thomas Show. Later vandaag weer gewoon een echte post, maar het is ook een beetje mijn taak om te zorgen dat niemand het mist. Want dat zou zonde zijn.

maandag, mei 07, 2007

Jerome Murat

De naam is Jerome Murat. De prachtige kippenvelmuziek aan het begin is van Ennio Morricone (Gabriel's Oboe, uit 'The Mission'). En het filmpje is ruim acht minuten lang de moeite waard.



Zet een kopje koffie. Ga lekker zitten en geniet.

zondag, mei 06, 2007

Kwaliteit

Als part-time reclamemaker vraag ik mijn klanten altijd wat hun bedrijf zo bijzonder maakt. ´Wij leveren kwaliteit´ is honderd van de honderd keer het antwoord. Kwaliteit leveren is dus niet bijzonder. Het is lucht geworden. Zou je denken. Maar een blik in de schappen van een warenhuis of kledingwinkel laat meteen zien dat lang niet alles uit kwaliteit bestaat.

In de schrijverswereld draait het ook allemaal om kwaliteit. ´Onze boeken staan voor kwaliteit´ zegt de uitgever. Want sommige boeken hebben wel kwaliteit en andere niet.

Maar wat ís kwaliteit? Hoe weet je zeker dat je kwaliteit levert of niet? Nou, dat weet je. Altijd.

Robert Pirsig, de schrijver van Zen en de kunst van het motoronderhoud was bezeten van de vraag wat kwaliteit nu precies inhield. Hij werd er zelfs letterlijk knettergek van. Zijn boek draait dan ook helemaal om deze vraag.

Pirsig was docent aan een universiteit. Omdat hij zo geobsedeerd was door kwaliteit, wilde hij zelf als docent kwaliteit leveren. Dat betekende ook dat zijn studenten kwaliteit moesten leveren. En daar bedacht hij een truc voor. Hij gaf geen cijfers meer. Pas aan het eind van het jaar kregen de studenten te horen met welk cijfer ze al dan niet geslaagd waren.

De studenten konden zo niet meer voor de zes-min gaan. Ze konden geen vier meer compenseren met een acht en andersom. Ze werden nu gedwongen om op te letten en om elk tentamen goed te leren. En het resultaat: alle cijfers gingen met sprongen omhoog. Een enkeling haalde overigens een één. Dat waren de leerlingen die anders een drie of een vier gehaald zouden hebben. Maar de rest leverde kwaliteit.

Aan het eind van het jaar waren de studenten juist blij met het resultaat. Toch klaagde de nieuwe lichting studenten het jaar daarop zo hard, dat Pirsig zijn methode van de directie moest stopzetten. En zo begon het weer zes-minnen te regenen.

Iedereen heeft een stemmetje in zich dat zegt of je kwaliteit levert of niet. Bij twijfel: doe alsof het voor een allesbepalend cijfer is. Het stemmetje zegt wel of het goed is of niet.

zaterdag, mei 05, 2007

Sleutelen aan een motor vraagt een onbezwaard gemoed

Mijn broer kocht het boek ooit vanwege het omslag. Dat had dezelfde afbeelding als dat op het plaatje hiernaast, maar zonder dat lelijke paarse blok en het logo van de uitgever. Hij las het vervolgens en was er jarenlang erg enthousiast over. Als er één boek is waar ik mij met onvoorstelbaar veel moeite en tegenzin doorheen heb geworsteld, dan is het dit boek wel. Maar het gevecht loonde de moeite, want er stonden prachtige dingen in.

Een mooie wijsheid is de titel van dit stukje. Sleutelen aan een motor vraagt om opperste concentratie. Als je met je gedachten ergens anders bent, dan gaat het mis. Daar is het apparaat te ingewikkeld voor. In een race tegen de klok een motor in elkaar zetten is een hel (ik heb het zelf nooit gedaan, maar heb veel ervaring met fietsbanden plakken. Dat is al erg genoeg). Als je het in alle rust doet en je stopt er liefde en aandacht in, dan is het juist leuk om te doen. Bovendien is het resultaat er dan ook naar.

Met schrijven is dat precies zo. Ik kan nooit zomaar meteen beginnen te schrijven. Ik moet eerst in de staat van het ´onbezwaarde gemoed´ raken. Door een beetje te surfen, spelletjes te doen, te bloggen, enzovoort. Soms kost me dat zelfs een hele dag. Dan is dat maar zo. De volgende dag schrijf ik twee keer zo goed en snel.

Het boek gaat overigens niet over motoronderhoud. Ook niet over Zen. Het gaat over kwaliteit. En daarover morgen meer.

vrijdag, mei 04, 2007

Roadrunner

En wat is Roadrunner na zijn filmcarrière gaan doen? Iets heel onverwachts. Eerst is hij de politiek in gegaan. Zo is hij jarenlang adviseur geweest van de Franse president Valéry Giscard d´Estaing. Maar daarna heeft hij vooral zijn instinct gevolgd. Hij trok zich terug in de woestijn van Californië, bouwde een nest in een cactus en leefde daar van insecten, kleine vogels en hagedissen.

Als je hem ziet, zoals hier op deze recente foto zou je hem bijna niet meer herkennen.

Wat is ACME?

Ze maken aardbevingspillen. Instantmeisjes. Doe-het-zelf tornadokits. Kunstmatige rotsen. Onzichtbare inkt. Een boksschool (wordt in een kistje geleverd). Een theatergezelschap (komt in een doos). Een driedubbel gepantserd oorlogsschip. Een ultimatumsteller (ja echt!). En natuurlijk ook allerlei andere dingen die je in een winkel kunt kopen. Zoals eieren, speelgoed, tandenstokers, spijkers en vitaminepillen voor driedubbelextraverstevigde beenspieren. En ze leveren altijd aan huis. Zelfs op de meest afgelegen plaatsen, zoals oceanen en woestijnen. Wie? Het bedrijf ACME.

Maar wat is ACME? Waar staat ACME voor? Is het een acroniem? Veel mensen dachten van wel. Volgens hen was ACME de afkorting van A Company Making Everything. Een interessante theorie, maar niet juist - zo´n onterecht acroniem noemen ze in het Engels overigens een ´backronym´. ACME is gewoon een woord. Het komt uit het Grieks en betekent ´beste´ of ´op grote hoogte´. Die laatste heeft ook een duidelijke link met de grootste vijand van Wile E Coyote: de zwaartekracht.

Er zijn zo´n dertig gerenommeerde bedrijven in de Verenigde Staten die ook Acme heten en van alles verkopen. Het is een volkomen normale bedrijfsnaam. Net als Smit bv, De Wit en Zonen of Schutten Enterprises.

Toch is het Coyote dus nooit gelukt om de grote renkoekoek te grazen te nemen. Soms lag dat aan de uitvoering van een van zijn briljante plannen. Vaak ook lag het aan de gebrekkige kwaliteit van de producten. ACME heet misschien wel ´best´, ze zijn het zeker niet. De hier rechts afgebeelde rots functioneerde overigens prima. Iedereen kan dus ongestoord en ongevaarlijk plezier beleven aan dit prachtartikel.

In veel gevallen is het ´t fanatisme van Coyote dat er voor zorgt dat hij de roadrunner niet te pakken krijgt. In de de woorden van de makers: ´een fanaticus is iemand die zijn inzet vertienvoudigt, terwijl hij zijn doel is vergeten´. Zo vergeet hij nog wel eens om de kleine lettertjes op een product te lezen.

Zoals bij de aardbevingspillen. Coyote was gewaarschuwd. Het stond er keurig op.

donderdag, mei 03, 2007

De ster uit het verleden: Wile E. Coyote

Wile E. Coyote, wie kent hem niet? Hij maakte in talloze tekenfilms van Chuck Jones jacht op een grote renkoekoek (Road-Runner). Dat deed hij zo lang, dat zelfs de latijnse naam van zijn ondersoort nogal eens veranderde (Carnivorus Vulgaris, Eatibus Anythingus, Eternalii Famisius, Famisius Famisius, Caninus Nervous Rex).

In de tekenfilms kon alles en mocht alles. Op vier strenge regels na:

1 de coyote mocht de roadrunner nooit te pakken krijgen.
2 de roadrunner mocht de coyote nooit hinderen bij de uitvoer van zijn snode plannen.
3 de roadrunner mocht nooit van de weg af.
4 als het er op neerkwam, dan waren de wetten der zwaartekracht uiteindelijk de grootste vijanden van de coyote.

De tekenfilms werden van 1948 tot 1966 gemaakt. Maar wat deed de coyote daarna? Hij speelde gastrollen in diverse films, maar nooit meer zo intensief als daarvoor. De enorme energie die hij gebruikte voor zijn optredens had zijn tol geëist (hij deed bijvoorbeeld zijn eigen stunts zelf).

In plaats daarvan was hij des te vaker te zien op de populaire stranden van Cannes (met onder andere Brigitte Bardot en Claudia Cardinale) en Californië (met onder andere Elizabeth Taylor en George Peppard). Ondanks zijn turbulente liefdesleven gaat men er van uit dat hij al die jaren één grote liefde had: Rock Hudson.

Tegenwoordig woont Coyote in Malibu, waar hij een huisje heeft naast Brad Pitt en Bruce Willis.

Dit stukje is overigens een opmaat voor een post over de ACME corporation. Dát komt vanmiddag.

woensdag, mei 02, 2007

De enige echte

Op Edward’s blog is er nogal een discussie losgebarsten rondom de gramignia, de pasta uit Bologna. Erg lekker natuurlijk. Maar er is ook nog dat ándere en veel bekendere gerecht uit Bologna: de pasta Bolognese. En daarover heersen nog veel misverstanden. Ten eerste doen de Bolognezen hun fameuze ragú niet op de spaghetti, maar door de tagliatelle. Spaghetti komt uit de zuid-Italiaanse keuken. Omdat vooral Italianen ten zuiden van Rome naar het Westen emigreerden is de spaghettivariant bij ons zo bekend geworden. Onterecht overigens, want met tagliatelle is-ie echt lekkerder. Zeker de echte saus.

Maar wat ís nu de echte saus? Zelfs onder de meest gerenommeerde Italiaanse koks braken er vendetta’s uit over de ingrediënten en authentieke bereidingswijze. Reden voor de gerespecteerde Accademia Italiana della Cucina om in 1982 maandenlang bij elkaar te komen en te vergaderen. Uiteindelijk leverde dat een unaniem oordeel op. Zo hoort hij volgens de kenners (de hoeveelheden van de ingrediënten mogen van de Accademia variëren. Op het plaatje is hij bijvoorbeeld met enorm veel saus):

Snipper wortel, ui en selderij en fruit het in olijfolie.
Voeg zeer fijngesneden rundvlees en pancetta (Italiaans spek) toe en bak dit bruin. Gehakt wordt afgeraden vanwege de structuur.
Voeg een scheutje melk of room toe om het zuur uit de ingrediënten te halen.
Voeg witte wijn toe en laat deze inkoken.
Doe er beurtelings kleine hoeveelheden tomatenblokjes (of gezeefde tomaten) en bouillon bij.
Laat dit twee tot vier uur pruttelen op een laag vuur.

Kruiden mogen, maar niet te veel verschillende. Italianen houden het simpel.

dinsdag, mei 01, 2007

Kopregelverzinwedstrijd!

Officieel is dit een of andere rare Japanse traditie waarin twee sumoworstelaars een kind aan het huilen moeten brengen (echt waar!). Maar wij houden niet van rare Japanse tradities, dus is het tijd voor een nieuwe kopregelverzinwedstrijd. Dus kopregelverzinwedstrijddeelnemers, doe uw best! Schoten voor de boeg:

- Neehee, je moet niet tegen die grote, maar tegen die kleine vechten!
- Gek. Ik ben even op de mijne gaan zitten en nu doet-ie het niet meer...
- Ik kon hem ineens niet meer vinden. Zat-ie vast in mijn okselkwab.